Speelbal van de wind5 min read

door | Achter de schermen

Na mijn glansrijke tijdritje (37,2 gemiddeld!) van vorige week, begin ik deze maandag vol goede moed aan een uurtje doortrappen na het werk.

Bram de Vrind
De Fietsjournalist

Bram de Vrind

De Fietsjournalist

Eenmaal op weg valt dat vies tegen. Als ik over het rode fietspad naar het kampje bij Vlijmen rijd, blaast een stevige wind pal op kop. In de middenberm van de aanpalende weg wijzen vijf vlaggen van Indoor Brabant in mijn richting. Het eerste half uur tot aan de Maas zal stoempen worden.

In de polder bij Vlijmen moet ik trekken en duwen om het gemiddelde boven de 30 per uur te houden. Mijn benen beginnen te protesteren, aan mijn kin vormt zich een slijmsliert. Snel veeg ik mijn gezicht af.

Terwijl ik over de Omloop pal tegen de wind in westelijke richting fiets, zit ik van binnen te briesen. Het is niet voor het eerst dat ik door de wind op mijn plek gezet. Als hij bij me in de rug blaast, denk ik al gauw dat ik heel wat kan, maar als ik hem tegen heb voel ik me soms een nederig amateurtje.

Gelukkig komt snel de verlossing.

Als ik de dijk langs de Maas opdraai die Brabant van Gelderland scheidt, blaast de wind ferm in de rug. Ik zet aan en zie de kilometerteller gestaag naar de 38 kilometer per uur schieten. Mijn zelfvertrouwen is binnen enkele minuten hersteld.

Dit smaakt naar meer. Ik slalom langs twee kippen op het dorpsplein van Bokhoven en kom weer op snelheid als de dijk haar weg richting de kasteelwoningen van Engelen vervolgt. Ik besluit een extra lusje aan mijn tocht te rijgen en sla linksaf om uiteindelijk via bedrijventerrein Treurenburg naar huis fietsen.

Maar het gaat zo lekker dat ik er een Ă©xtra extra lusje aan besluit te plakken. Bij de rotonde richting Treurenburg sla ik linksaf terug de Maasdijk op. Ik vlieg over de dijk langs de flats op de Maasboulevard, en knal over de klinkertjes van Oud-Empel.

Na nog een stukje dijk sla ik rechtsaf het nieuwe fietspad op langs het pas geopende Máximakanaal. Ik kom moeiteloos op snelheid. Mijn bovenlichaam houd ik keurig stil. Ik voel me een klein beetje prof als ik met een gangetje van 40 per uur langs het nieuwe kanaal scheer. Maar als ik even later rechtsaf sla en de wind weer volop in mijn gezicht blaast, spat die illusie snel weer uiteen.